De rolschaatsen

rolschaatsenEr waren eens twee rolschaatsen. Ze woonden bij een meisje, dat Elsje heette. De rolschaatsen vonden het maar saai, bij dat meisje. De rolschaatsen werden maar een paar keer in het jaar gebruikt!
Op een keer zeiden ze tegen elkaar: “kom, ik vind het hier maar saai, we lopen weg!” (Met lopen wordt rollen bedoeld.) ’s Nachts liepen ze weg.
Ze kwamen in het plantsoen. Toen staken ze de weg over. Net reed er een auto op de weg. “Wegwezen!” dachten de rolschaatsen. Net op tijd waren ze aan de overkant. “Het is hier maar eng!” zei de ene rolschaats.
Het was dag. Heel vroeg in de ochtend, klopten ze bij een huis aan. Een meisje deed open. “O, wat een mooie rolschaatsen!” dacht het meisje. Ze nam de rolschaatsen mee naar binnen, en nog diezelfde dag ging ze ermee rolschaatsen.
Het meisje vond ze z├│ mooi dat ze elke dag als ze maar kon, ermee ging rolschaatsen.
En de rolschaatsen leefden nog lang en gelukkig.
EINDE.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *